'Een tour de force: jouw lichaam als een driehoek naar beneden, en steeds die beweeglijke handen, die levendige ogen...'
In het oudtestamentische boek Job gaat God met de satan een weddenschap aan met als inzet Job 's trouw aan Hem. Hoe was het toch mogelijk, dacht ik als puber, dat God een rechtvaardig mens door de satan kon laten slaan met zoveel misère en ellende? Hoog tijd dus om me opnieuw te verdiepen in dit verhaal. Kon ik het onbegrijpelijke van deze geschiedenis leren accepteren? Of zou het leven moeten accepteren in zijn onverschillige en onrechtvaardige schoonheid? 
Ik kroop met huid en haar in de rol van Job, zittend achter zijn tafeltje met typemachine. Ondertussen was er een zwijgende buitenstaander (Ingrid van Ree in travestie) die hem gadesloeg.
Job vertelt over de huisgodjes van zijn grootmoeder, over zijn eigen angsten en die van zijn vrouw, over de nieuwe God die hem nu lijkt te slaan. Job echter eist dat God zelf verschijnt zodat hij zich kan verdedigen! Wat is het toch fantastisch om het recht te hebben God ter verantwoording te roepen, hem aan te klagen en te beledigen, hem zelfs te ontkennen...
'Ik voelde de snijdende stilte, werd meegenomen in zijn woede, kracht, ontreddering...'
'Jij verwoordde mijn gevecht met Allah!'
'De woorden die je hebt gekozen om de onbegrijpelijk-heid van de schepping te schilderen, zijn van een grote zeggingskracht!'