Terwijl ik mijn carrière al aan het afronden was, kwam er het verzoek om een verhaal te schrijven, regisseren en spelen over die zwarte bladzijden uit het Nijmeegs geschiedenisboek: de gruwelijke razzia van 17 novem-ber 1942. Nadat ik duidelijk had gemaakt aan de potentiële opdrachtgever, wat ik allemaal níet wilde ging ik lezen, veel denken, praten, vragen stellen, luisteren.
Het is heerlijk om een vertelling te schrijven, waarbij je - vanaf de eerste opzet - weet, dat je zelf de hoofdrol zult spelen, zelf eventuele tegenspelers kunt zoeken, en vervolgens het geheel zelf vorm zult geven: ik weet wat ik wel en niet kan, wel en niet wil, en dat stimuleert om iets te creëren wat optimaal haalbaar is!
Alleen al het verhaal van die razzia, verteld aan de hand van Fritz Tauber 's ooggetuigenverslag, was confronterend genoeg. Daar paste een 'droge' - niet sentimentele - stijl van spelen bij.
Drie vertellers - de persoonTauber, een zanger die met goed gekozen liedjes commentaar levert op de geschiedenis, en een secretaresse die de kille boekhoudkundige kant van het verhaal belichaamt - hebben elk op de toneelvloer hun eigen 'eilandje van werkelijkheid'. Ze raken elkaar niet, gaan niet in gesprek met elkaar, kijken hooguit incidenteel - betrokken of juist niet - naar elkaars leven.
Licht en geluid zijn simpel, maar effectief, en een goede fotograaf maakt foto's van hedendaags Nijmegen. Kijk! Hier, in deze stad, speelde zich verhaal zich af! Zou nu, in dit tijdsgewricht, zo'n geschiedenis zich kunnen herhalen? Zeg niet te snel 'Nee'!
Sober vertellen en tonen wat mensen elkaar kunnen aandoen, was indringend genoeg.
Na enkele intensieve maanden van voorbereiding, konden we die door velen (bijna) vergeten bladzijde zichtbaar, hoorbaar en invoelbaar maken!